Liefdesontmoeting met het handelen van God

te Winnipeg, Manitoba,
bij een Poolse gebedsgroep

door zijn instrument, de Dochter van het Ja aan Jezus
 

21 april 2004

 

Jezus: Ik ben met eenieder van jullie, Ik ben het Leven. Ik ben de Aanwezigheid.

Jezus woont in ieder van jullie, men moet groeien in de Eucharistische Aanwezigheid.

Deze dagen waarin jullie leven zijn dagen van genade, zij leren jullie je zelf te aanschouwen zoals jullie zijn, zij leren jullie ook jullie naaste te kennen.

Jezus wil in jullie harten spreken, Hij wil dat jullie elkaar onderling liefhebben in een totale overgave in zijn Wil van jullie menselijke wil.

Wanneer jullie afstand zullen doen van jullie menselijke wil, zal God zich van alles in jullie meester maken: Hij wil al jullie kwetsuren nemen, Hij wil al jullie herinneringen nemen die jullie pijn hebben gedaan, die jullie ouders hebben pijn gedaan, die jullie generatie hebben pijn gedaan.

Elkeen van jullie draagt in zich elk kind.

Ik, Jezus Eucharistie, ben op aarde gekomen om jullie de liefde van mijn Vader te leren kennen.  Ik ben op aarde gekomen om jullie bij te brengen dat jullie, wat mijn Vader betreft, in relatie zijn met eenieder van jullie: de kinderen van God.

Ik heb mij voor elk van jullie gegeven, Ik heb mijn Bloed laten vloeien voor elkeen van jullie, om het kwaad in jullie te zuiveren opdat het kwaad jullie niet meer zou kwetsen.

Alles is in de volbrenging van het Woord: Ik ben het Woord, Ik doe de Wil van mijn Vader.

Mijn Vader heeft jullie zijn Zoon gegeven opdat jullie elkaar onderling zouden kunnen beminnen. Ik ben Jezus Liefde, Ik ben de Barmhartigheid.

Ik wil jullie leren jullie onvoorwaardelijk te beminnen, Ik wil dat jullie elkaar zien met mijn ogen, Ik wil dat jullie naar je naaste luisteren met mijn oren, Ik wil dat jullie alles in jullie nemen en mij dat geven, Ik wil dat jullie komen sterven in mij: door jullie ja zal dat geschieden.

Ik heb mijn ja uitgesproken door te aanvaarden jullie in mij op te nemen, door al jullie onvolmaaktheden te zuiveren om jullie aan mijn Vader voor te stellen.

Maria was de eerste om haar ja op aarde uit te spreken,

Maria is een model van liefde voor jullie.

Mijn Moeder heeft er afstand van gedaan te leven in de menselijke wil, mijn Moeder heeft op aarde geleefd in de Goddelijke Wil; door haar voortdurende overgave is zij een voorbeeld van een kind in de Goddelijke Wil.

Kinderen van de liefde, Ik wil dat jullie zouden zijn zoals mijn Moeder, Ik wil dat jullie afstand zouden doen van jullie menselijke wil om te komen sterven in mij. Ik ben goddelijk, mijn Wil is goddelijk: daarom dat Ik wil dat jullie zouden komen sterven in mij.

Alleen jullie ja kan die beweging maken; er is niets anders dan jullie ja dat jullie toebehoort, en Ik, Ik zal alles voor jullie doen. Ik praat zo tot jullie omdat er een tijd van liefde komt.

Toen Ik op aarde ben gekomen, heb Ik gesproken over het Rijk van mijn Vader, Ik heb gesproken over de liefde, over de Wil van mijn Vader op de aarde zoals in de Hemel, Ik heb aan mijn apostelen het Rijk van Vader op aarde verkondigd, Ik heb hen het “Onze Vader” geleerd, en deze woorden moeten in vervulling gaan.

Jullie zullen op de aarde moeten leven in de Wil van mijn Vader

zoals de heiligen leven in de Hemel.

Jullie zullen niet goddelijk zijn, jullie zullen mensen op de aarde zijn, maar jullie zullen niet meer in jullie menselijke wil leven.

Dat is een beweging die van God zal komen, niet van jullie zelf; alleen jullie ja zal jullie toebehoren. Ziedaar waarom Ik onder jullie boodschappers zend om jullie voor te bereiden op de Grote Zuivering: jullie zullen alles ontdekken wat jullie menselijke wil heeft aangericht in jullie leven, in jullie vlees. Dat zal geschieden door de kracht van de Heilige Geest. God is liefde, God (de Zoon) volbrengt de Wil van zijn Vader. Alleen mijn Vader kent dat moment.

Sinds vele jaren bezoekt mijn Moeder de aarde: zij waarschuwt de kinderen om zich voor te bereiden, zij vraagt aan de kinderen om naar haar Zoon terug te keren, zij vraagt om te bidden met het hart.

Mijn Moeder voert jullie langzaam mee om afstand te doen van jullie menselijke wil. Zij vraagt jullie je te onthechten van aardse goederen, om met mildheid jullie geestelijk leven te ontdekken.

Omdat de kinderen op deze wereld zich van mij verwijderd hebben: de kinderen van deze wereld leven ver van de geboden van mijn Vader; de kinderen van deze wereld leven ver van mijn liefdes onderrichtingen; de kinderen van deze wereld lijden: zij kennen een grote apostasie (geloofsverzaking); en zij die geloofden hebben het geloof verloren, en zij hebben op hun beurt hun kinderen niet onderricht in de liefde van God; men bezoekt de kerken niet meer; men wil de sacramenten niet meer; en de haat is overal: men heeft geen respect meer voor zijn naaste, men vergeet zich te geven voor zijn eigen kinderen.

God wil jullie het licht laten zien, want de kinderen van deze wereld leven in de duisternis.

Als de kinderen slechts leven met hun menselijke wil, vergeten zij hun geestelijk leven, dan neemt het kwade in hen de overhand op het goede dat in hen is.

Kijk rondom jullie, jullie zien overal de wanorde: men laat mijn kinderen in de steek; de regeringen denken alleen aan materiële zaken om het goede aan de kinderen van het volk te geven; men respecteert de mens niet meer; men sluit de kerken; men laat het na om de religie in de scholen te onderwijzen; de families gaan uit elkaar; men promoot homoseksualiteit, abortus; men neemt de zelfmoorden niet meer ter harte; als vrouwen en mannen te kampen hebben met “burnt out” helpt men hen niet, men denkt dat het ingebeelde ziekten zijn omdat men de liefde verloren heeft, de liefde tot de naaste; zelfs in het hart van de families wordt de liefde met voeten getreden: men verwaarloost de kinderen; men vergeet ze zelf in de kribbes, want als men de voorkeur geeft om te gaan shoppen eerder dan zijn kind te gaan afhalen in de kribbe, waar is dan de liefde?

Ik kom in de harten roepen.

Kinderen van de liefde, richt jullie weer op, Ik spreek voor de kinderen die in jullie zijn; Ik weet, mijn kinderen, dat jullie die hier aanwezig zijn, bidden; jullie zijn de kinderen van het Licht, de uitverkorenen voor deze tijd van liefde.

Jullie hebben je ogen willen openen, jullie hebben je oren willen openen, dat alles is gebeurd omdat jullie ingestemd hebben om dat te doen; het is Jezus die alles voor jullie gedaan heeft, jullie hebben je in Jezus overgegeven. Zien jullie, mijn kinderen, dat het niet ingewikkeld is om zich aan Jezus te geven? Ik wil dat jullie nog verder zouden gaan.

Ik wil dat jullie je zouden overgeven in mij, zeggend: “Jezus, ik wil leven vanuit U. Ik wil mijn menselijke wil niet meer, ik leg hem op Uw altaar. Ik wil leven zoals U wil dat ik leef.”

Mijn kinderen, forceer jullie niet met alles wat jullie horen te willen opnemen, laat de Heilige Geest in jullie die beweging doen. Als men het Woord hoort, dan handelt het Woord, het zijn niet jullie die handelen: Ik ben het Leven.

Ben Ik niet aanwezig op dit moment?

Dit instrument hoort mijn stem, zij kent de woorden niet die in haar zullen komen omdat Ik haar wil genomen heb, Ik heb haar omhuld met mijn liefde door de kracht van de Heilige Geest.

Net zoals jullie, mijn kinderen, wil Ik jullie omhullen met mijn liefde, en jullie zullen in vrede leven, jullie verleden vergetend, vergevend eenieder die jullie pijn heeft gedaan, door al die beelden die jullie hebben doen lijden aan Jezus te geven.

Wanneer jullie in het licht zijn, kijken jullie vooruit,

wat voorbij is behoort jullie niet meer toe.

Ik, Jezus, heb alles op mij genomen, ik heb alles wat jullie pijn gedaan heeft op mij genomen: dat was mijn Kruis. Jullie moeten vooruit gaan in het licht: jullie zullen vrede kennen, de vreugde van het leven. Met de tijd zal dat komen, Ik ken elkeen van jullie, Ik ken jullie pijnen, jullie moeilijkheden om te vergeten: door jullie ja zal Ik alles voor jullie doen.

Vertrouw op Jezus, geef je over in Jezus; als jullie bidden, geven jullie je zelf: dat is een roep tot God. God hoort wat jullie zeggen, God wil jullie gebeden verhoren; dus moeten jullie leren je over te geven. Als jullie bidden: moeten jullie vertrouwen, jullie moeten niet twijfelen, jullie moeten beseffen dat God (alles) begrepen heeft.

Begrijp dus dat jullie zelf je moeten overgeven.

Wanneer jullie een geschenk geven aan een kind dat het in zijn handen neemt en jullie proberen het terug af te nemen, dan zullen jullie zien dat het zal schreeuwen en wenen omdat het begrepen heeft dat het een geschenk gekregen had en dat dit geschenk hem toebehoorde: dus, doe zoals dit kind.

Wanneer God jullie genaden geeft, neem ze aan, zij zijn van jullie; geef hem jullie geschenk niet terug, want het zijn jullie die het jezelf ontzeggen, niet God, want wat God geeft is gegeven.

Ik wil jullie doen groeien in het leven, Ik wil jullie de overgave tonen, Ik wil dat jullie je verdriet vergeten door het op het altaar te leggen. God zal jullie je menselijke wil leren kennen die tegen jullie is: daarom wil Ik komen om deze wereld de veranderen.

Sinds Adam en Eva leven jullie in de menselijke wil; Ik wil jullie leren afstand te doen van jullie menselijke wil om te leven in de Goddelijke Wil zoals Adam leefde voor de val.

Die beweging  is voor weldra.

Een aantal kinderen bereidt zich erop voor, zij beginnen hun ja uit te spreken en hun menselijke wil begint zijn invloed op hen kwijt te geraken; zo laten zij zich door God leiden, zij ondervinden nog steeds moeilijkheden, maar zij zijn blij die moeilijkheden aan Jezus te geven omdat zij begrepen hebben dat Jezus alleen hen kan helpen; zij leren in vrede te blijven, in het vertrouwen op God.

Men moet blijven bidden terwijl men alles aan Jezus geeft en terwijl men zeker is dat jullie gebed gehoord is; stel jullie geen vragen omtrent jullie kinderen, leg ze op het altaar, geef ze aan Jezus; jullie gebeden zullen voor hen genaden worden en langzaamaan zullen ook zij genaden ontvangen die hun een innerlijk licht zullen tonen; zij zullen niet weten waarom, maar er zal iets zijn dat begint te bewegen, en zij zullen zich vragen gaan stellen, en zij zullen willen weten waar dat vandaan komt. Jullie moeten vertrouwen hebben in God, Ik handel in hen; Ik ben de Liefde en de liefde is niet ingewikkeld: jullie moeten je leven niet compliceren, stel jullie niet te veel vragen.

Ik ben Jezus, de Barmhartigheid.

Als Ik jullie zonden heb genomen, dan is dat omdat jullie geloven dat Ik vergeven heb, niet? Dus geloof dat wanneer jullie mij jullie ja geven, Ik jullie elke dag omvorm, geloof dat.

Wees als een kind, dat vertrouwt God, het stelt zich geen vragen want het weet dat het niet uit zichzelf in staat is te bekomen wat het wil, hij vertrouwt op de groteren, niet?

Dus, doe hetzelfde met mij, Jezus.

Een Grote Zuivering komt voor eenieder van jullie.

Die zuivering zal in jullie binnenste plaatsvinden, de Heilige Geest zal in jullie binnenkomen; jullie zullen je leven zien: dat zal geschieden door een liefdesbeweging.

Hij zal jullie alles laten zien wat jullie gedacht hebben, alles wat jullie gehoord hebben, alles wat jullie gezegd hebben, al jullie daden en zelfs al jullie gevoelens die jullie hebben gehad tegenover God, jullie zelf en tegenover jullie naaste.

Alles wat goed is zal door jullie gekend zijn, alles wat slecht is zal door jullie gekend zijn.

Jullie zullen die vreugden beleven en jullie zullen ook de smarten beleven.

Die vreugden zullen gekoppeld gaan met genaden, want zonder mijn genaden, zouden jullie geen stand kunnen houden bij zoveel vreugde, want die vreugden zullen goddelijk zijn en niet menselijk: Jezus zal zich in jullie tonen in zijn heerlijkheid.

Maar ook het kwade zal in jullie zijn als gevolg van wat jullie gedaan hebben, en jullie zullen mijn genaden van sterkte nodig hebben die jullie zullen helpen door jullie zuivering heen te komen. Jezus vraagt jullie om nu al te beginnen met jullie zuivering door wat jullie beleven te aanvaarden in vreugde, in vrede, in het vertrouwen, door mij om genaden te vragen.

Alleen Ik kan jullie die genaden geven door de sacramenten.

Mijn priester zal jullie die sacramenten geven, en jullie zullen gevoed worden door mijn genaden opdat jullie je zuivering zouden aanvaarden:

dat is een bewustwording want jullie hebben veel lijden gekend vanaf jullie geboorte, maar hoeveel onder jullie hebben die aan God geofferd voor jullie zuivering? Kijk, daarom spreek Ik tot jullie, om jullie duidelijk te maken dat er een zuivering komt, en die kan vanaf nu beginnen met jullie ja; dan, als de Grote Zuivering zal komen, zullen jullie die zuivering ingaan in grote vreugde omdat jullie zuivering reeds gebeurd is.

Maar, Ik vraag jullie te vorderen in jullie zuivering

door hen die jullie beminnen mee te nemen.

Dat wil zeggen: geef mij mijn kinderen, geef mij hen die jullie in je dragen; Ik ben Jezus Eucharistie, Ik heb alle kinderen ter wereld in mij gedragen; Ik ben in jullie, dus draag Ik de kinderen van de wereld in jullie en jullie, jullie zijn in mij.

Wanneer jullie instemmen mij mijn kinderen te geven, kunnen zij genieten van de genaden die Ik jullie geef, en als zij dan aankomen in de zuivering: zal dat voor hen genaden van kracht zijn.

God geeft, Hij kan niet geven voor een of voor enkelen, Hij wil voor al zijn kinderen ter wereld geven. Verschillende mensen dragen hun ja in zich, mijn Vader kent al zijn kinderen: jullie moeten je geven voor al de kinderen van het ja, dat is mijn Wil van liefde.

Ziedaar waarom Ik boodschappers zend om de kinderen voor te bereiden op de Grote Zuivering.

Alles moet vervuld worden door de Wil van God.

Breng dank aan God voor dit moment van liefde. Amen.

 

De Dochter van het ja aan Jezus in de Heilige Geest:  Ik zal de stem niet in mij horen, de woorden zullen langzamerhand in mijn hoofd komen, zonder enige moeite, zonder te weten wat de volgende woorden zullen zijn.

Als Jezus spreekt over de Grote Zuivering, spreekt Jezus ons over de zuivering van het vlees.

Er is een verschil met wat wij tot vandaag kennen: wij gaan biechten, wij geven onze zonden aan God om vergeving te bekomen, dat zuivert onze ziel; maar onze ogen hebben het kwaad gezien: dus ons binnenste kent dat kwaad, het is in ons; onze ogen zijn als een venster: zij zijn het venster van ons lichaam.

Het kwade dus!

Wij kunnen het kwade niet vergeten, het maakt deel uit van ons vlees en daarom is het dat wij dikwijls lijden, daarom hebben wij het zo moeilijk om te vergeven, daarom zijn wij geneigd om onze naaste te oordelen, om in woede uit te barsten, angst te hebben, omdat ons vlees het kwade kent.

Jezus wil het kwaad in ons zuiveren, Hij wil niet dat het in ons blijft, en Hij wil ons vlees zuiveren met een vuur van liefde.

Voor de val leefde Adam in de zuiverheid, Adam kende het kwaad niet; hij kon niet spreken over het kwade, hij had het kwade nooit gehoord, dus kon hij zijn gehoor er niet toe brengen te luisteren naar wat kwaad is; zijn ogen waren zuiver, dus alles in hem was zuiver.

Dus, wij zullen als Adam worden, voordat hij de menselijke wil kende.

Na de Grote Zuivering, zullen wij in de Goddelijke Wil binnentreden, zoals Adam voor de val.

God de Vader wacht op dat moment.

God de Vader heeft de aarde geschapen, het universum, hij heeft alles geschapen dat vliegt, alles wat in de wateren is, alles wat op de aarde leeft; God de Vader heeft alles geschapen, hij heeft de mens geschapen. Dat duurde zes dagen, maar God heeft die bewegingen van liefde in de Goddelijke Wil gesteld: om het eenvoudig te maken voor ons begrip, heeft God zes dagen uitgesproken. Wij hebben de beweging van de Goddelijk Wil die geschiedt in zijn element van liefde, niet begrepen.

God heeft geen tijd, God is de Alfa en de Omega en wanneer God een liefdesbeweging maakt, telt Hij de tijd niet, Hij is in relatie met de beweging en de tijd: daarom was een vastgestelde tijd voor ons nodig.

God geloofde dat het niet goed was voor ons om de gedetailleerde tijd te geven van elke schepping: dat zou ons geestelijk leven niet doen groeien hebben.

Wat goed is om te weten, doet Hij ons kennen; wat niet nodig is, laat Hij ons niet kennen.

Aan ons te zeggen: “Ja, God”, en aan Hem over te laten die niet in God geloven, en in ontvangst te nemen wat God wil dat wij kennen. Daarom dat Hij zijn bewegingen genoemd heeft: de zes dagen van zijn Schepping en de zevende, dag van rust.

God de Vader wacht op zijn zevende dag.

Terwijl Hij zei: “De zevende dag rustte God”, zag Hij zijn kinderen, Adam en Eva, die hem ongehoorzaam waren.

Zij moesten een open oor hebben voor God, zij moesten de test van de liefde ondergaan, maar dat is niet in liefde gebeurd, en God heeft niet gerust. Kunnen jullie de verwachting van God de Vader begrijpen? Op dit moment zijn wij ongeduldig, niet, wij willen die dag van de zuivering kennen. Het is nog niet zo lang dat wij op de wereld zijn, terwijl God de Vader wacht!

Hij kende allen die op aarde moesten komen, want God de Vader heeft alle kinderen op aarde gekozen. Hij zag al het lijden dat men zou begaan, en God de Vader heeft zelfs zijn Zoon gezonden om ons toe te staan die dag te kennen. Wij gaan kennen wat God al zo lang verwacht: zijn kinderen van liefde.

Wij moesten allen op aarde komen: liefde, zuiver.

Jezus: Ziedaar waarom deze tijd door God de Vader werd gekozen.

Zoals Hij de aarde, het universum geschapen had in zes dagen: een tijd door hem gekozen tussen een dag en een andere, zo heeft Hij ook de dag van jullie zuivering gekozen: dat kan niet gescheiden worden van wat Hij gedaan heeft na zijn schepping. Dat zal binnengaan in de beweging die moest plaatsvinden op de zevende dag, maar ten gevolge van de zonde, heeft God de mens laten wachten omdat de mensen die beweging niet verdienden.

De Dochter van het Ja aan Jezus in de Heilige Geest: God openbaart ons deze dingen opdat wij de waarde van zijn liefde voor ons zouden begrijpen.

Hij bedient zich van instrumenten die aanvaarden zich volledig over te leveren in de Goddelijke Wil, die hun menselijke wil verloochenen, die leven zoals Hij wil dat zij leven.

God, die de liefdesbeweging in zijn kinderen wil maken, spreekt tot sommige van zijn kinderen die afstand nemen van hun menselijk leven, want God de Vader wist dat er maar weinigen hun menselijke wil zouden opgeven, want de kinderen waren te bezeten van hun menselijke wil, zij zouden niets begrepen hebben, niets gewild; dus heeft God de Vader gewacht, Hij heeft ons verlangd, Hij heeft sinds zo lang naar deze liefdesbeweging uitgekeken.

God openbaart deze dingen aan ons; nu wil Hij dat wij ons bewust worden van zijn liefde voor ons. God zegt dat er maar weinig kinderen bereid zijn om afstand te doen van hun menselijke wil. Hij neemt kinderen die zich geven voor hun broers en zusters om hen te laten zien dat er kinderen zijn die tot alles bereid zijn voor God de Vader en om hen te tonen dat God bereid is om alles te doen voor zijn kinderen, omdat zijn kinderen één zijn met hem.

Beseffen jullie dat er maar weinigen zijn op aarde,

terwijl Hij ons alles gegeven heeft en men weigert nog?

(Sommige) kinderen van het Licht willen niet geloven, zij zeggen dat wij uit eigenbelang handelen. God de Vader kent al deze kinderen, Hij is de eerste die hieronder lijdt.

Het is een vaderlijk en moederlijk lijden, het is geen menselijk lijden; het is niet wat wij kennen, het is veel dieper, want deze liefde is zo ver gegaan zijn eigen Zoon te geven, en zijn Zoon heeft alle kinderen van de aarde gedragen, geen enkele mens zou dat hebben kunnen doen.

God de Vader doet ons zijn liefde kennen in kleine dosissen doorheen instrumenten zoals ik.

Jezus zegt: “Als men aan jou twijfelt, dan is het niet aan jou dat men twijfelt, maar aan mij. Zij vernederen mijn liefde nog steeds.”

Maar Jezus zegt dat, nu zijn Vader zijn Wil heeft laten kennen, Hij zal komen of men het wil of niet; Hij zal verschijnen in elkeen van ons want het is zijn Vader die het wil.

Jezus heeft alle zonden genomen en is gestorven op het Kruis, Hij heeft alle zonden van de wereld gezuiverd, zo heeft Hij zijn Wil volbracht, de Wil van zijn Vader.

Hij zegt: “Ik heb de Wil van mijn Vader gedaan en nu is het aan jullie om dat te doen.”

Daarom zal Hij nu komen, omdat zijn Vader het gezegd heeft; of jullie nu klaar zijn of niet klaar zijn, alles zal vervuld worden: hierop wil Hij ons voorbereiden.

Hij zal ons onderrichtingen van liefde geven door zijn boodschappers, opdat allen vanaf nu in de zuivering zouden zijn. Zij die dat niet willen, staan voor hun eigen keuze.

God de Vader wil niet dat zelfs maar één van zijn kinderen lijdt,

maar zij zelf willen lijden: het zal hun eigen keuze zijn.

Ziedaar waarom ik sinds 2001 een stem in mijn binnenste hoor die mij geleerd heeft om afstand te doen van mijn menselijke wil: ik heb van alles afstand gedaan.

Vroeger was ik iemand die werkte (als kapster), ik schminkte mij, ik kleurde mijn haren, ik hield ervan mijn huis te decoreren; mooie toiletjes heb ik niet gekocht, want daar had ik het geld niet voor, maar ik beloofde mezelf op een zekere leeftijd, na het grootbrengen van mijn kinderen, te gaan reizen. Maar dat alles is verleden tijd, ik heb geleerd mij te geven voor de zielen van het vagevuur, door afstand te doen van schmink en haarverf, en ik heb ook afstand gedaan van mooie toiletjes en reizen.

Ik heb er afstand van gedaan om een suikergrootmoeder te zijn en om altijd aanwezig te zijn voor mijn kinderen;  sinds 2001 heb ik mij bij mij teruggetrokken.

O! Ik zie hen, Jezus staat toe dat ik ze zie, maar het is gedaan met ze (elke zondag) te ontvangen, en voor hen te kokkerellen waardoor het huis dan zo lekker geurde; zij weten het en aanvaarden wat ik beleef.

Elke avond, elke dag, elke ogenblik trouwens zegt Jezus: “Ik hou van je! Ik bemin je! Geef je! Geef je! Ik wil mijn kinderen, Ik wil dat zij in vreugde en in vrede leven.”

Dan zeg ik hem: “Maar Jezus, niet heel de wereld gelooft!”

Hierop zegt Hij niets, Hij zegt: Geef, geef.” Dus ontvang ik genaden van overgave en ik doe wat Hij mij zegt te doen. En euh, ik ben aanstekelijk want de mensen die bij mij zijn geven zich over, ook zij beleven hun zuivering, net zoals ik.

Zij hadden vele aanvallen van Satan maar nu hebben zij geleerd zich helemaal in God over te leveren, zij hebben geleerd om hun lijden voortdurend te geven, want men heeft lijden hé!

Het is niet omdat wij ons overgeven dat Hij onze smarten wegneemt, Hij zegt dat het dient om zielen te winnen, en hoe langer hoe meer leren er zich te geven.

Mama Maria zegt dat Satan ons hoe langer hoe meer zal lastig vallen.

Mama zegt dat er zeer binnenkort een teken zal komen, en dat zal zeer spoedig zijn; maar Mama geeft ook geen tijd, maar zij vraagt zich voor te bereiden, te luisteren naar haar Zoon, elkaar onderling lief te hebben, al onze smarten aan haar Zoon te offeren.

Zij zegt binnen te komen in haar Hart. Eerder zei zij me: “Mijn Hart is open. Ik wil er al mijn kinderen laten binnenkomen om hen te beschermen voor wat komt.”

Zij zegt dat het dringend is, maar zij wil niet dat wij angst hebben.

De angst komt niet van God, dat komt van Satan, hij zal alles doen om ons angst aan te jagen.

Herinner jullie 11 september, toen de twee torens van New York gevallen zijn: zijn doel was angst te zaaien, en hij is erin geslaagd.

De grote naties zijn zeer bang geweest en daarop volgend zijn er velen in de angst gebleven.

Hij zal dat tegen ons gebruiken. (Vergeet niet dat hij gebeurtenissen kan uitlokken).

En er is een wapen dat hij zal gebruiken

tegen de kinderen van het Licht: de hoogmoed.

Als men veel bidt, ziet men zich soms binnenin, men ontdekt dat men zich overgegeven heeft; dus zegt men dat men het niet nodig heeft om te luisteren naar de boodschappen, maar het gevaar ligt erin dat men zich bekijkt met de ogen van de menselijke wil: dan kan onze menselijk wil ons zeer gemakkelijk doen struikelen en Satan zal zich daarvan bedienen om in ons de hoogmoed te ontwikkelen. Het is Jezus zelf die ons verwittigt want deze listen (van Satan) zijn reeds begonnen en dat zal nog erger worden.

Hij heeft mij ook gewaarschuwd voor wat er zal komen met de valse Christus; velen, geloof ik, hebben dat reeds gehoord, want het staat in het Evangelie.

Hij spreekt ook over de idolatrie: Hij zegt dat men ons zal verplichten om de valse Christus te aanbidden, dat men de onderrichtingen van Jezus zal verwerpen en men zal heel subtiel de geboden van God verdraaien, gebruik makend van de verleiding, het goede voorspiegelen terwijl men zich van het kwade bedient; zoals ons winkelen op zondag en hoeveel zijn er niet die ervan houden op zondag te winkelen, dat zou hun beter schikken: zien jullie hoe men de geboden van God zal omzeilen?

Men zal bedrogen worden,

men zal niet meer weten waar de waarheid is.

Op dit moment zijn er velen in botsing: (de kinderen van God) tegen de kinderen van het Licht, de moeders tegen de dochters, de zonen tegen de vaders, de broers tegen de zussen en dat zal nog verergeren; men zal wedijveren voor werk, men zal proberen elkaar te bestelen, in de familie, door vals te spelen met testamenten; het gerecht zal niet meer rechtspreken: men zal vals spelen, men zal de rechtspraak betalen.

Maar men moet niet bang zijn voor wat komt, want de kinderen van het Licht zullen zien, de kinderen van het Licht zullen niet doof zijn, de kinderen van het Licht zullen omhuld zijn met de kracht van de Heilige Geest. Op dit eigenste moment, laten wij ons merken met het teken van de Liefde; op dit moment merken de engelen ons binnenin met een teken van liefde: dat zal ons helpen elkaar wederzijds te herkennen.

Weten jullie hoe wij ons onderling zullen herkennen?

Doordat wij in ons geen woorden van haat hebben, wij zullen geen kwaad spreken over onze naaste: wij zullen elkaar beminnen; terwijl de anderen geen gesprek zullen kunnen voeren zonder kwaad te spreken van hun naaste omdat zij zich hebben laten merken met het teken van het Beest: zien jullie dat wij niets te vrezen hebben?

En zij die zich zullen laten merken met het teken van het Beest en die een ja in zich dragen, zullen een smartelijke zuivering kennen, maar dank zij de genaden van kracht die wij voor hen verkregen hebben door onze ja’s bij de aanvaarding van onze zuivering, zullen zij de kracht hebben om hun zuivering door te maken.

Dan zullen zij het geluk kennen net zoals wij.

Maar wij gaan niet onmiddellijk binnen in de Nieuwe Aarde, er zal een korte tijd zijn tussen de Grote Zuivering en de intrede in de Nieuwe Aarde. De kinderen van Israël hebben 400 jaren in slavernij geleefd te Egypte; toen zij daar weggetrokken zijn, doorheen de zee, hebben zij 40 jaren in de woestijn moeten blijven, en daarna konden zij in het Beloofde Land binnengaan.

Dat is wat wij zullen meemaken: een tijd van zuivering en een tijd waarin wij zullen moeten samenleven met de kinderen van het neen. Dat zal een lastige tijd zijn, een moeilijke tijd, maar die tijd zal door God zelf gevoed worden.

God de Vader kent die tijd; Hij zal erin voorzien ons genaden van sterkte te geven, van vreugde, van vrede. Er zal een tijd van onderrichting komen bij onze broers en zusters die hun zuivering zullen beëindigd hebben, want zij die Jezus in zich gezien hebben, zullen dorsten naar hem, zij zullen hongeren naar hem.

Daarna zal er een groot strafgericht komen: God zal zijn kinderen beschermen, zijn uitverkorenen, en zij die een neen in zich dragen zullen door de aarde verzwolgen worden, want God de Vader zal nooit toelaten dat zijn zuivere kinderen moet leven met onzuivere kinderen.

Wij zullen leven in de Nieuwe Aarde die vernieuwd is door de liefde,

Gezuiverd door een vuur van liefde,

dat alles zal geschieden in de Wil van God.

Daarom dat God mij doet schrijven, en Hij laat ook anderen schrijven.

Mijn eerste boek gaat over de liefde. Men leert God kennen; men leert zijn liefde kennen, zijn goedheid; men leert de Goddelijke Wil kennen.

Het tweede boek: daarin leert men de menselijke wil kennen. Wij kunnen wel in de menselijke wil leven, toch kennen wij hem niet omdat hij ons heeft doen zondigen, en deze zonden keren zich tegen ons en hebben ons doen lijden. God somt op wat wij beleefd hebben, wat wij onze naaste hebben aangedaan; dan roept God ons weer op naar hem te komen.

Het derde boek handelt over hetzelfde, maar vooral op het niveau van de koppels, op het niveau van hun liefde, op het niveau van wat hun menselijke wil gedaan heeft met hun zintuigen. Hij legt ons uit wie wij zijn binnenin.

En dat gaat verder in het vierde boek. Daarin spreekt Hij ons over de zuivering, hij somt onze zonden op. Mama Maria spreekt ons over de hel en God spreekt ons over de Nieuwe Aarde, over het gevaar dat ons te wachten staat.

Hij zei: “Het is dringend nodig dat mijn boeken in omloop gebracht worden.” “Ik zend je op weg.” Hij zei ook: “Mijn Moeder zal de deuren openen.” Ziedaar waarom ik hier ben: Mama Maria heeft een deur in jullie geopend en jullie hebben geantwoord.

Velen onder jullie lezen in het Engels; aan hen die niet in het Engels lezen en die enkel (Pools) kennen, moeten hun broeders en zusters inlichten verstrekken.

Help elkaar onderling: het is zeer belangrijk wat komen gaat, men moet zich geven zoals God de Vader het wil.

Ik dank jullie dat jullie geluisterd hebben naar wat God wilde dat jullie zouden weten.

Men kan natuurlijk niet in enkele uren uitleggen wat ik geleerd heb in drie jaren, maar God wist wat jullie voor deze avond nodig hadden.  Dank u zeer.